Michael Phelps, superman in het water
Michael Phelps: “Ik kan niks, alleen maar slapen, eten en zwemmen”
Michael Phelps uit Baltimore, geboren 30 juni 1985, de held van Peking met zijn acht gouden medailles en vele wereldrecords heeft Mark Spitz “uit de boeken” gezwommen en is daarmee de meest succesvolle zwemmer op de Olympische Spelen aller tijden. In Peking won de Amerikaan de meeste gouden medailles op één olympisch toernooi. Sinds 17 augustus 2008 bevat zijn Olympische prijzenkast veertien gouden en twee bronzen medailles. Tevens voert hij de lijst van succesvolste medaille winnaars op de Olympische Zomerspelen aan. Maar het succes van hem komt niet zomaar uit de lucht vallen. Toen hij 7 jaar oud was, werd bij hem de stoornis ADHD vastgesteld. Hij kon nooit stilzitten herinnerde zich zijn moeder, maar hij kon urenlang baantjes zwemmen. Zijn twee zussen, ook uitstekende zwemsters, moedigden hem aan te gaan zwemmen, zodat hij zijn energie beter kwijt kon. In het team van North Baltimore Aquatic Club ontwikkelde hij zich razendsnel, drie jaar later kwam zijn eerste nationale jeugdrecord. In tegenstelling tot de meeste jonge zwemmers was hij als klein jongetje al zeer bewust met zijn sport bezig. Zijn coach Bob Bowman roemt de "ongekende professionele instelling”.
Phelps maakte zijn debuut op een groot toernooi tijdens de Olympische Spelen van 2000 in Sydney, als vijftienjarige werd hij vijfde op de 200 meter vlinderslag. Nog geen vijf maanden later verbrak hij het wereldrecord op datzelfde onderdeel, met zijn vijftien jaar en negen maanden was hij de
jongste zwemmer ooit die een wereldrecord zwom. Bij de wereld-kampioenschappen langebaanzwemmen van 2001 pakte hij goud op de 200 meter vlinderslag, opnieuw in een nieuw wereldrecord. In de aanloop naar de Spelen van 2004 toonde hij steeds vaker zijn talent en veelzijdigheid; hij verbrak de wereldrecords op de 200 en 400 meter wisselslag. Bij de WK van 2003 vier keer goud, waarvan drie op een individueel nummer.
Een zeer groot deel van zijn succes is te danken aan de bouw van zijn lichaam, zijn genetische voordelen
Zijn succes ligt naast zijn karakter vooral in de bouw van zijn lichaam.
De Amerikaanse dolfijn heeft het ideale "zwemlijf”.
Hij is lang, rank, heeft grote handen en voeten, smalle heupen, extreem soepele ledematen en een enorme spanwijdte.
Tel daarbij op dat hij minder snel verzuurt dan de gemiddelde topsporter (hij “produceert” weinig lactaat) en een snellere verbrandingsmotor heeft en je hebt een menselijke machine die niet kan worden verslagen.
- Zijn lichaam is ongewoon lang: 112 centimeter
- Zijn benen zijn slechts 81 centimeter lang (11,5 centimeter korter dan bij een “doorsnee” persoon);
- De lengte van zijn armen en hierdoor zijn enorme spanwijdte 8 centimeter langer dan zijn lichaamslengte (201 centimeter !) Bij een gemiddeld persoon is die verhouding één-op-één (de zogenaamde aap factor);
- Voeg daaraan toe zijn handen als kolenschoppen, wat dit betekent voor zijn trek- en duwfase laat zich raden;
- De afstand tussen zijn ribben en heupen is tien centimeter langer dan gemiddeld;
- Het gemiddelde melkzuur in zijn bloed ligt na een wedstrijd op vijf millimol per liter, terwijl dit bij de doorsnee topsporter gemiddeld tien tot vijftien millimol per liter is;
- Hij is in staat zijn (flexibele) gewrichten te overstrekken, waardoor zijn benen een vijftien graden grotere zwaai kunnen maken dan bij vele van zijn concurrenten;
- Phelps heeft daarnaast bijzonder grote voeten, flippers noemt hij ze zelf, schoenmaat 47,5;
Door zijn relatief korte benen en zijn zeer lang lichaam ligt hij hoog en rustig in het water, waardoor hij minder weerstand heeft en dus minder inspanning behoeft te leveren tijdens het zwemmen.
En het houdt niet op, hij beschikt over een ongewoon goed watergevoel. Hij weet instinctief wat zijn beste lichaamshouding in het water is, een vereiste om met zo weinig mogelijk weerstand te zwemmen. Een andere zeer belangrijke reden is gelegen in de aanzienlijke en permanente steun uit het ouderlijk huis. De ideale fysieke voorwaarden voor het zwemmen. Met recht en reden kan bij hem gesproken worden van een “aquatisch” lichaam.
Als je dit zo leest ben je geneigd te denken dat hij op de “tekentafel” is vervaardigd.
Eetpatroon
Michael Phelps eet, naar het schijnt, zo'n 12.000 calorieën per dag. Dat is bijna de dagelijkse voedingsbehoefte van 5 sportieve volwassen mannen. Hieronder een voorbeeldje van zijn maaltijden: “Breakfast: 3 fried egg sandwiches, 2 cups coffee, 5-egg omlette, bowl of grits, 3 pieces of french toast, 3 chocolate chip pancakes. Lunch: 1 pound pasta, 2 ham and cheese sandwiches, energy drink (1.000 calorieën). Dinner: 1 pound pasta, 1 large pizza, energy drink (1.000 calorieën)”
Voor “normale” sporters zijn dat soort cijfers ongezond, het zijn lege calorieën. Zonder lichaamsbeweging wordt een mens er dikker van, voor de aderen en de lever is het ook al geen aanrader. Op jonge leeftijd, zoals bij deze topsporter, kan het lichaam deze culinaire troep nog wel bolwerken, zeker met 5 a 6 uur training per dag. Maar op lange termijn en bij frequent gebruik laat het voedsel zeker zijn sporen na.
Training.
Al in zijn eerste trainingsjaren, had Michael wekelijks een techniek uur. Van hem is verder bekend dat hij als 16 jarige op jaarbasis reeds meer dan 3000 kilometer trainde, gerealiseerd in zo ongeveer 49 trainingsweken. Feitelijk, vertelde zijn moeder Debbie, bestaat het leven van haar zoon uit zwemmen, eten en slapen. Hij traint 30 uur per week, 5 uur per dag en doet elke middag een behoorlijke powernap *.
* Een powernap, nederlands een “dutje” doen, is een korte slaap die je ergens op de dag houdt en duurtZijn herstelvermogen is ongewoon, niet door zijn wekelijkse 80 kilometer trainingsarbeid enorm in omvang toegenomen longcapaciteit -belangrijk voor zijn lange onderwaterfase na de start- maar ook het feit dat zijn musculaire zuurstofvoorziening fenomenaal is. Doordat hij zeer weinig lactaat produceert, herstelt hij bijzonder snel en kan binnen een half uur na een vermoeiende race volledig hersteld weer aan de “bak**”.
ongeveer 20 - 30 minuten duurt. Het houden van deze korte slaap resulteert in een afneming van activiteit in
je hersenen, waardoor deze gedeeltelijk tot rust komt. Als je hersenen helemaal tot rust komen dan voel je je
nog meer vermoeid en zwak, daarom is het van uiterst belang dat je niet langer dan een half uur slaapt.
Powernaps zijn recentelijk intensiever onderzocht, het blijkt dat mensen die gebruik maakten van een
powernap een lager stressgehalte en een hogere concentratie hebben.
** Hierin staat Phelps niet alleen, ook een Cornelia Ender (DDR) won in Montreal binnen het uur twee keer
goud.
*** Dit is (was) ook het geval bij Manoudou en Lenton
Toch heeft ook deze wonderman uit Baltimore wel eens een aantal dagen waarop niets gelukt en hij aangeeft moe te zijn. Volgens zijn coach komt dit zo ongeveer een keer in de zes weken voor.
Typisch voor Michael Phelps is dat hij in de zomerperiode altijd in een supervorm verkeert. In het najaar wordt hard getraind minimaal (64 -73 kilometer per week), daarnaast doet hij wekelijks 6 x 30 tot 45 minuten aan landtraining. "Fine tuning" is dan nog niet aan de orde. Bij hem staan eerst de
basiselementen (kracht en uithoudingsvermogen) op de voorgrond.
Zijn trainer verwijst hierbij trots naar 5000 yards (4572 meter) bortstcrawl, die door Michael gezwommen wordt in 46 minuten en 34 seconden. Omgerekend betekent dit drie keer 1500 meter in 15:31 min. !! Wat verder opvalt is dat hij over “een breed front” in staat is voor absolute wereldprestaties te zorgen. Feitelijk beheerst hij bijna alle onderdelen***.
Rituelen
Iedere zwemmer heeft zo zijn eigenaardigheden, zo ook Phelps. Alvorens hij op het startblok gaat staan, zwaait hij drie keer zijn lange machtige armen om zijn bovenlichaam. Het is een ritueel die hij voor iedere start herhaalt.
Wedstrijdmentaliteit
Phelps beschikt over een super wedstrijdmentaliteit, is veelzijdig getalenteerd, beschikt over een excellente techniek en enorme “drive” om te winnen. Daarnaast kan hij, volgens zijn coach, bijzonder goed omgaan met stress. Hij is een van de weinige zwemmers met een enorm watergevoel,
waarvoor het lijkt alsof hij zich, in tegenstelling tot zijn concurrenten, in zijn baan onder water moeiteloos afzet aan “ balken”.
Dit watergevoel in combinatie met zijn voor het zwemmen gebouwd lichaam, zijn ongekende lenigheid en kracht leidt tot extreem lange “cyclus strokes”.
Dus alles komt samen: een voor het zwemmen geschapen lichaam, een uitstekende en uitgebalanceerde techniek, een tot in de puntjes geperfectioneerde conditie en een ijzersterke wil om te winnen.
“The day after”
Onze veelvoudig Olympisch zwemkampioen zal nooit meer moeten werken, zegt de Australier Max Markson. Hij kreeg na de Spelen een bonus van 1 miljoen dollar uitgekeerd voor het breken van het record van de legendarische Mark Spitz, die 7 maal goud behaalde tijdens de Spelen van München in 1972. Speedo, de zwempakken producent is niet de enigste die hem financieel ondersteunt. Allerlei sponsors, waaronder Kellogg's, AT&T, Omega en Visa betalen jaarlijks in totaal 5 miljoen dollar uit, maar volgens bronnen in de sponsoring wereld ligt nu een cijfer in het bereik dat eerder rond de 40 miljoen dollar ligt.
Peter Carlisle van marketinghuis Octagon, heeft een zes jaren plan uitgestippeld dat 100 miljoen dollar moet opbrengen, een nooit gezien bedrag in de zwemsport. Fastfood ketens, financiële diensten bedrijven, autofabrikanten... allen schuiven ze aan om van zijn diensten gebruik te mogen maken. Sommige experts verwachten ook dat Apple de sponsoring dans niet zal ontlopen. De 23-jarige Michael’ voorliefde voor de iPod is nu al historisch.
Tot slot
Michael heeft in het water reeds ruimschoots een reis rond de aarde (ruim 40.000 kilometer) volbracht, immers 16 jaar trainingsarbeid levert in zijn geval een kilometerrage op die ver uitstijgt boven de omtrek van de aarde. De vraag die bij mij steeds meer naar boven komt drijven is of de prijs voor het leveren van dergelijke sportieve prestaties niet buiten proportioneel is geworden. Wat vinden wij nog normaal en wat vinden wij abnormaal. Jullie mogen het zeggen.
Anton Koekkoek.
Bronnen: nternet; Diverse (buitenlandse) bladen en tijdschriften.
